Burgerleden
Algemene Informatie
Burgerleden
Algemene informatie
De Vernieuwingsgroep heeft 5 zetels in de beleidscommissie en 5 zetels in de controlecommissie. Deze zetels mogen per vergadering worden ingevuld door de raadsleden en de burgerleden van de Vernieuwingsgroep. Daarnaast leveren zij de voorzitter van de controle commissie. Burgerleden zijn leden van de Vernieuwingsgroep die door de raad worden benoemd en op diverse beleidsgebieden en controlerende taken het advies formuleren aan de gemeenteraad van Schinnen.
Na de verkiezingen van de leden van de gemeenteraad op dinsdag 7 maart 2006 hebben de nieuw gekozen leden in de raadsvergadering van 16 maart 2006 besloten tot de instelling van een werkgroep bestuurlijke vernieuwing. Deze werkgroep kreeg ondermeer tot taak voorstellen te definiëren over het te gebruiken bestuurlijk model. In de periode maart t/m mei is de werkgroep diverse malen bijeen gekomen en heeft zij zich over deze raadsopdracht gebogen. De werkzaamheden hebben geresulteerd in een conceptdocument dat op 1 juni jl. tijdens een werkconferentie binnen de raad is besproken. Naar aanleiding van de diverse inbreng tijdens deze conferentie is het concept op onderdelen bijgesteld. De bijgestelde notitie “In Balans. Voorstellen voor bestuurlijke vernieuwing in Schinnen“ is vervolgens in de raadsvergadering van 6 juli 2006 vastgesteld.
Hierbij werd een Beleidscommissie en een Controlecommissie ingesteld ter advisering aan de gemeenteraad. De oude ingestelde raadscommissies zijn bij de benoeming van de leden van de nieuwe gemeenteraad komen te vervallen.
Een gemeente is niet verplicht een raadscommissie in te stellen. In dat geval komt de plenaire raad vaker bijeen. Vanaf 14 maart 2002 mogen alleen raadscommissies-nieuwe stijl bestaan. Collegeleden maken geen deel meer uit van raadscommissies en een raadslid vervult nu het voorzitterschap.
In het dualistische stelsel lijkt de functie van
raadscommissies op die van de plenaire raad: een volksvertegenwoordigend,
kaderstellend en controlerend lichaam. De raadscommissie is geen voorportaal van
de besluitvorming van het college, maar ondersteunt nu de besluitvorming in de
raad.
De raadscommissie kan bijvoorbeeld voorwerk en onderzoek verrichten naar zaken
die de raad moet behandelen. Ook kan de raadscommissie een schifting aanbrengen
in hamerstukken en inhoudelijke bespreekstukken voor de raad.
Het overleg dat de raadscommissie voert met college en burgemeester is niet gericht op het creëren van medeverantwoordelijkheid voor bestuursbeslissingen, maar op kaderstelling en controle door de raad, waarbij het college verantwoording aflegt.
Taken
Een raadscommissie heeft de volgende taken:
1. De besluitvorming van de raad voor te bereiden door op haar terrein op hoofdlijnen de hiervoor noodzakelijke informatievoorziening te bespreken.
2. Inhoudelijke vragen dienen vooraf schriftelijk (per mail) via de griffie gesteld te worden.
3. Tekstuele wijzigingen in documenten dienen vooraf per amendement doorgestuurd te worden naar de griffie.
4. Het uitbrengen van advies aan de raad over een voorstel of onderwerp dat op de agenda staat.
5. Het uitbrengen van advies aan de raad uit eigener beweging.
6. Voeren van overleg met het college of de burgemeester over in ieder geval door het college of de burgemeester verstrekte inlichtingen en het gevoerde bestuur ten aanzien van de voorstellen of onderwerpen die op de agenda staan.
7. Indien bij de behandeling van een onderwerp in een raadscommissie vaststaat dat over een onderwerp unanimiteit bestaat in de commissie en het onderwerp als afgeconcludeerd kan worden beschouwd, wordt geadviseerd dit onderwerp op de agenda van de raad onder de rubriek hamerstukken op te nemen.
8. Indien de commissie niet voldoende informatie heeft verkregen van het college dient zij voor een memorie van toelichting te vragen die het college dan door tussenkomst van de griffier bij de raadstukken als aanvulling doet toekomen.
9.
Indien n.a.v. de behandeling in de commissie, wijziging van het besproken stuk
noodzakelijk wordt geacht, dient de commissie een nota van wijziging te vragen
die het college dan door tussenkomst van de griffier bij de raadstukken als
aanvulling doet toekomen.
Samenstelling
1. Aan een raadscommissie nemen maximaal 15 commissieleden deel.
2. Elke fractie heeft een maximaal aantal zitplaatsen per commissie en wel in de volgende verhouding: VG 5 CDA 4 PVDA 3 en VVD 3.
3. Minimaal een zitplaats moet door een raadslid worden ingevuld.
4. Per fractie worden door de raad maximaal 8 burgerleden benoemd die aan een raadscommissie vergadering mogen deelnemen.
5. Per commissievergadering bepaalt elke fractie door welke burgerleden en of raadsleden zij zich laat vertegenwoordigen.
6. Per commissievergadering mag niet gewisseld worden.
7. De in lid 4 genoemde leden worden door de raad op voordracht van de fracties benoemd.
8. De artikelen 10, 11, 12, 13 en 15 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing op een burgerlid van een raadscommissie. De in het vierde lid genoemde leden dienen daarnaast tijdens de laatste verkiezingen van de raad geplaatst te zijn op de kandidatenlijst van een fractie of lid te zijn van de politieke partij die hem of haar voordraagt als burgerlid.